Interview met Caroline Wagner

door Jenneke de Jonge


Caroline Wagner, onze 1e violiste en speler vanaf het ontstaan, neemt afscheid van ons ensemble. Zij heeft zich jaren ingezet voor De Bezetting Speelt (DBS), niet alleen muzikaal maar ook organisatorisch. Ik denk dat ik voor ieder van ons kan spreken dat wij haar enorm gaan missen, niet alleen om alles wat ze deed maar ook als persoon. Zaterdag 29 mei combineren we ons vriendenconcert met een mooi afscheidsfeest. Caroline heeft het muzikale programma dit jaar samengesteld. Allemaal pareltjes die DBS de afgelopen vijftien jaar heeft gespeeld. Vijftien jaar al weer! Niet veel mensen kennen DBS al zo lang en vandaar dat ik de kans heb benut om Caroline aan een klein interview te onderwerpen. Via Zoom spreken we af. Caroline zit lekker op de bank met haar knuffelleeuw achter zich op de rugleuning. Ze lijkt zowaar al aardig wat zon gehad te hebben en ziet er vrolijk uit. Haar man Daniël en haar kat zijn in de tuin in de weer en Caroline zit er klaar voor, we trappen af.

Caroline, hoe is DBS eigenlijk ontstaan en wanneer had jij het idee dat het nog wel eens wat kon worden?

Het begon allemaal met een eindexamenopdracht van Maarten Bout (klarinet) en Liesbeth Allart (hobo). Zij studeerden aan het Rotterdams Conservatorium en waren elkaars soulmates. Vanuit hen ontstond het idee om een groot kamermuziekensemble op te richten met vijf blazers en vijf strijkers, om zo alle kamermuziekbezettingen vanaf het jaar 1850 te kunnen uitvoeren en op die manier hele afwisselende concerten te kunnen geven. Caroline, die toen al een orkestbaan had, werd erbij gevraagd om het strijkersgedeelte te organiseren. Zo speelden ze een aantal jaren samen. In 2004 werd het ensemble een stichting en is er een bestuur opgericht. Maarten was heel creatief, hij heeft een logo ontworpen en helemaal eigenhandig een website gebouwd. Nu is dat heel gewoon, maar in die tijd was dat best wel een dingetje. Het is overigens niet de huidige website.

Hoelang hebben jullie ongeveer samengespeeld?

Maarten is als eerste van de drie musketiers vertrokken, hij vond de liefde in Amerika. Dat zal ongeveer na 5 jaar geweest zijn. Vanaf die tijd hebben Liesbeth en ik het samen verder gedaan. Maar Liesbeth vertrok naar Engeland en toen was er nog maar één. We hebben met iedereen om tafel gezeten of we de stekker eruit zouden trekken of dat we door zouden gaan. Met name Imre heeft zich opgeworpen voor de zakelijke kant. Het stamt overigens ook uit die tijd dat we de taken  gingen verdelen over alle leden van het ensemble.

Jij had bij het ontstaan van DBS al een vaste baan, wat deed je besluiten om mee te doen met dit project?

Ik heb nooit heel erg een orkestbaan geambieerd, dus voor mij was het Radio Kamerorkest destijds een mooi compromis. Maar het is nog steeds een orkest en mijn liefde lag bij de kamermuziek. Er waren wel projecten waarbij we in kleinere bezettingen speelden bij het orkest maar echt kamermuziek dat was het voor mij te weinig. Daardoor was het voor mij een welkome vraag om hier aan mee te werken. Voor mij is kamermuziek meer het echt samen doen. Ik hou van het kleine en het intieme. Met dit ensemble vond ik ook juist het leuke dat er gevarieerd werd met al die verschillende bezettingen. Want je kunt natuurlijk ook in een strijkkwartet spelen, daar is het allergrootste repertoire voor, maar ja daar zijn er al zo veel van en tijdens mij studietijd had ik ook al erg veel strijkkwartet gespeeld. Dat is natuurlijk ook leuk, maar ik vind gewoon de afwisseling, met blazers samen, veel leuker. Ik ben ook zo’n concertganger, zegt Caroline, die niet anderhalf of twee uur naar hetzelfde kan luisteren, al is 5 uur naar de Ring luisteren dan weer geen probleem.

 

“ik hou van het kleine en het intieme”

 

Je houdt van afwisseling! Wat is de gekste plek waar DBS ooit gespeeld heeft?

Dat was denk ik in Hoek van Holland op een ponton met stormachtig weer. We werden uitversterkt zodat de mensen op de kade ons goed konden horen en er was een lasershow bij. Maar er was veel wind en regen dus het wiebelde behoorlijk. De leukste plek was voor mij Galerie Animaux in Rotterdam. Het was een kleine en verdekt opgestelde galerie. We speelden echt midden tussen de kunst en het publiek zat intiem om ons heen.

Waar ben je het meest trots op wat DBS bereikt heeft?

Ik ben trots op de cd’s die we gemaakt hebben. Dat zijn toch enorme projecten waar veel voorbereiding in zit. En als er dan zoiets compleets uitkomt, iets blijvends…! Optreden kun je overal, en de ene locatie is mooier dan de andere, maar een cd is echt iets blijvends en ook iets wat je als ensemble heel erg dicht bij elkaar brengt. Je wordt toch met al je nukken en problemen drie, vier dagen in een studio opgesloten, en dan moet je toch maar iets moois op de plaat zetten én elkaar dan ook nog aardig blijven vinden natuurlijk.

In welke muziek vind jij dat DBS het meest tot haar recht komt?

In de grotere bezettingen, septet, octet, nonet en het liefst decet natuurlijk, maar daar bestaan er niet heel veel van helaas. Het kan ook in kleinere formaties, als er maar een combinatie is met een blaasinstrument, dus strijkers én blazers. Met name in het wat meer onbekende repertoire zijn we goed. We kunnen ons goed inleven in een werk dat niet zo bekend is en zelfs de stukken die wat moeilijk in het gehoor liggen zó brengen dat het toch gewaardeerd wordt door het publiek. We krijgen dan reacties als: ‘dit is eigenlijk best wel mooi, ik had niet verwacht dat ik deze componist leuk zou vinden!’

Is er ook een werk waarvan je denkt, als ik dat hoor dan is het meteen DBS?

Ja het Dixtuor van Jean Françaix. Francaix is bekend maar ook weer niet zó bekend, het is klassiek maar ook weer niet zó klassiek, het is vermaak maar ook weer niet zó vermaak. Het is zeg maar geen André Rieu vermaak. Het Dixtuor is heel levendig en alle instrumenten komen heel goed tot hun recht doordat in alle partijen wel iets solistisch of virtuoos te vinden is. Als je dat vergelijkt met bijvoorbeeld het Beethoven septet, ook een heel mooi werk wat we ook heel mooi gespeeld hebben, dan is dat eigenlijk een half vioolconcert, er is veel minder gelijkwaardigheid in de instrumenten en het wordt heel vaak uitgevoerd. Dit werk vind ik dus wat minder typisch DBS. Het duurt ook heel lang trouwens, dus je kunt er bijna niets naast programmeren.

Heb je het idee dat het ensemble door de jaren heen doorontwikkeld is of is dat lastig om te zien?

Nee dat is makkelijk te zien eigenlijk. Met name bij de strijkers is het heel belangrijk dat de klank homogeen is. In het begin, toen we begonnen was dat het geval. Maar dan gaat er iemand weg en dan komt er een soort verstoring in, de ontwikkeling stond stil. Gaandeweg vonden we weer de juiste mensen bij elkaar, zoals we de laatste twee jaar met elkaar de groep hadden, dat de strijkersklank echt een enorme ontwikkeling doormaakte. Datzelfde geldt eigenlijk ook voor de blazers. Als er een nieuw iemand bij komt heeft het toch weer even tijd nodig om helemaal op elkaar in te spelen. Je merkt dat als zo’n groep wat langer steady blijft, de klank ontwikkelt maar ook de manier hoe je met elkaar omgaat. Het is altijd heel gevoelig, we hebben allemaal onze meningen en een bepaald idee bij een muziekstuk. De een wat meer dan de ander. En als de één wat meer ideeën heeft dan kruipt een ander bijvoorbeeld meer in zijn schulp. Het is belangrijk dat er een wederzijds vertrouwen ontstaat, dat  je weet dat je alles mag zeggen en dat je durft te spelen. Dat is wat mij betreft het beste voor een kamermuziekensemble. Kijk, je kunt er als aanvoerder heel erg gaan staan van dit is mijn mening en zo gaan we het doen, dat is ook een methode en zou ook best goed kunnen werken, maar ik vind het het leukst wanneer iedereen elkaar uitdaagt en gelijkwaardig is. Door langer met elkaar te werken en ook door bijvoorbeeld een cd op te nemen wordt dat steeds makkelijker en kunnen er hele mooie dingen ontstaan.

Je gaat bij het vriendenconcert/afscheidsfeestje toch nog weer even viool spelen. Hoe is dat?

Toch wel een beetje spannend! Ik heb lang geen concerten meer gegeven en lang de viool niet aangeraakt. Sowieso door corona is het voor musici moeilijk om weer met de spanning om te gaan en om ook de concentratie een heel concert vast te houden, en ik heb dan eigenlijk nog langer niet gespeeld. Dat is de reden dat ik niet het hele concert speel. Het zal even wennen zijn maar als ik eenmaal weer met jullie repeteer dan weet ik dat het weer gelijk gaat kriebelen en dat het gewoon leuk gaat zijn om nog even samen muziek te maken.

(foto Jan Hordijk)

De rest van het vriendenconcert speelt Carla Leurs eerste viool. Ken jij haar en is het nog speciaal dat juist zij speelt?

Zeker ken ik Carla, ik heb haar ook aanbevolen. Ik ken Carla van het voormalig Radio Kamerorkest. Ze is daar ook een tijdje concertmeester geweest en ik vond haar toen ook al helemaal geweldig. Later heb ik haar in een andere programma gezien, onder andere met het Beethoven septet, en ja, ik vond dat gewoon fantastisch. Ze is een hele gepassioneerde violiste, zeer van de extremen, heeft veel ideeën en een grote partituurkennis. Dat kan heel gaaf zijn voor een kamermuziekensemble als DBS.

Wil je iets vertellen over je carrière switch?

Ik zie het niet zozeer als een carrière switch want voor mij is yoga niet een carrière, maar ik snap je vraag wel. Ik zie het meer als een verandering van levensstijl. Dat proces is eigenlijk al heel lang aan de gang, al vanaf dat ik mijn baan bij het kamerorkest heb opgezegd.

Al tijdens mijn studie kwam ik in aanraking met yoga. Ik had fysieke problemen en yoga heeft mij geholpen om viool te kunnen blijven spelen. Toen het een tijdje wat slechter met me ging, dat was op het einde van mijn baan bij het kamerorkest, begon de yoga steeds meer te trekken en ben ik een yogaopleiding gaan volgen, echt puur voor mezelf. Ik speelde bij DBS en schnabbelde in die tijd ook nog bijvoorbeeld bij het Rotterdams Philharmonisch orkest. Maar ik wilde meer, ik ging yogales geven wat er ook weer voor zorgt dat je jezelf verder ontwikkelt. Alles kwam in een stroomversnelling en yoga werd steeds meer een levensstijl voor me. Ik doe niet even een uurtje yoga per dag, nee yoga is waar ik mijn leven op wil richten. Mijn aandacht verdelen tussen muziek en yoga werd steeds lastiger en ik kreeg echt de behoefte om me op één ding te focussen. Binnen de yoga houd ik nog steeds wel van variatie, zo ben ik bijvoorbeeld ook opleidingen aan het schrijven. Op dit moment is het de yoga waar al mijn aandacht en passie naartoe gaat. En als je dan merkt dat dan iets anders waar je altijd een passie voor had steeds meer op de achtergrond raakt, dan voelt dat niet meer goed. Dan voel je je snel schuldig dat je daar weer niet je aandacht aan hebt kunnen besteden.

“Ik doe niet even een uurtje yoga per dag, nee yoga is waar ik mijn leven op wil richten.”

 

Gaat muziek dan niet samen met yoga?

Muziek en yoga hebben eigenlijk heel veel overeenkomsten. Dankzij yoga heb ik het muziek maken nog zo lang vol kunnen houden. Toen ik mijn baan had opgezegd wilde ik mijn viool eigenlijk helemaal aan de wilgen hangen maar dankzij de yoga ging ik inzien dat het studeren en het met muziek bezig zijn eigenlijk een meditatieve staat is. Dat ken jij ook, als je studeert of je geeft een concert dan ben je helemaal daar, alleen maar daar mee bezig. En dat is hetzelfde wat je eigenlijk met mediteren doet, je bent in dat moment, in het hier en nu, je concentreert je ergens op. Ook door de yoga ging ik inzien wat muziek eigenlijk voor mij betekent. Dat het niet een kunstje is maar een manier om me even te kunnen onttrekken aan het leven. Dat klinkt heel heftig, maar ik denk dat jij dat ook wel kent, het leven is niet altijd even makkelijk en in muziek ga je toch eigenlijk naar een soort andere sfeer. En dat doe je bij yoga ook. De yoga die ik volg is trouwens niet om je te onttrekken uit dit leven maar om juist dat wat we vinden of ervaren in meditatie, die hogere trilling, mee te nemen naar het aardse, naar het leven van alledag. Alles krijgt dan diezelfde glans.

Muziek en yoga kunnen dus juist heel goed samen gaan maar hoe ik mijn leven nu wil indelen, met de opleidingen, het lesgeven en het les nemen, is er te weinig aandacht voor het viool spelen en dat wil ik het ensemble niet aandoen, dat is zonde, juist omdat we als ensemble zo in de lift zitten ondanks corona. Het is een moeilijke tijd maar als jullie nu een heel goed iemand zou kunnen vinden die er ook weer echt die 100 procent energie voor heeft, dan kun jullie straks een hele mooie doorstart gaan maken. Want heel veel ensembles zijn natuurlijk ook omgevallen in deze tijd.

Caroline, wat wens je ons voor de toekomst?

Ik wens in ieder geval dat jullie live kunnen optreden voor publiek. Een tournee zou ook heel mooi zijn, een concerttour naar het buitenland, met name Duitsland, België of Frankrijk. Op zo’n tour kom je ook weer nader tot elkaar en ligt de focus even alleen bij het ensemble. Ik wens jullie heel veel betaalde optredens toe, dat je gewoon gevraagd wordt en niet dat je zelf hoeft te leuren, wat toch ook één van de redenen is om te stoppen. Als je vijftien jaar aan het trekken bent aan iets waarvan je weet dat het gewoon fantastisch is, maar op de een of andere manier, misschien omdat we een Rotterdams ensemble zijn of niet de goeie connecties hebben, breken we net niet door. Dat is gewoon heel jammer en dan kost het meer energie dan dat er uitkomt, dat is zonde.

“dat je gewoon gevraagd wordt en niet zelf hoeft te leuren”

Blijf je ons volgen?

Ja natuurlijk! Ik volg jullie nu sowieso, ik heb alle livestreams gevolgd en vond het leuk om jullie, en al de verschillende violisten, te horen spelen. Ook word ik vriend van De Bezetting Speelt. Ik sluit absoluut niet uit dat ik op een zondagochtend gewoon heerlijk naar de Machinist kom om jullie concerten bij te wonen.

Caroline, onwijs bedankt voor alle leuke antwoorden maar vooral voor alles wat jij voor ons ensemble hebt betekend. De Bezetting Speelt was niet De Bezetting Speelt geweest zonder jou. In de trant van de kleine interviews aan de andere leden van DBS, die we op facebook gedeeld hebben, nog een paar kleine toevoegingen. Caroline heeft geen gekke hobby’s maar wel een nieuwe hobby, namelijk suppen. Dat verklaart denk ik haar door de zon gebruinde hoofd. Ook is Caroline tegenwoordig helemaal in love met haar kat, Mizu, dat is Japans voor water. Laat dat nou ook toevallig het lievelingsdrankje van deze kat zijn.

Wilt u dit bijzondere concert meemaken? Zaterdag 29 mei aanstaande om 15.00 uur kunt u onze livestream bekijken. Het belooft heel speciaal te worden en we hebben er allemaal heel veel zin in om deze mooie muziek voor u te gaan maken!

Voor kaarten en info: www.debezettingspeelt.nl