NIENKE KOSTERS Contrabas

‚ÄúAls klein meisje van negen werd ik verliefd op de grote contrabas. Ik voelde mij erg stoer dat ik met dat ding kon omgaan, en de ondersteunende functie bleek goed bij mij te passen. Als contrabassist speel je vaak op verschillende instrumenten, elke bas leer je kennen wanneer je er op speelt. Mijn grote liefde is de contrabas die ik momenteel in bruikleen heb van het Nederlands Muziekinstrumenten Fonds. Hij is bijna 150 jaar oud en redelijk temperamentvol, soms moet ik even met hem worstelen voor een toon. Elke keer als ik hem uitpak maakt mijn hart een sprongetje dat ik zo’n mooie bas mag bespelen. Als instrument voor kamermuziek vind ik hem ook erg geschikt, hij kan heel mooi zacht en toch aanwezig zijn, en mengt heel goed met Anne Meikes cello. Ik speel altijd met mijn eigen strijkstok, die ik zeven jaar geleden aanschafte. Ik speel met de Duitse greep, dus onderhands en niet zoals bijvoorbeeld hoe een violist haar strijkstok vasthoudt.‚ÄĚ

IMRE ROLLEMAN Fluit

“Sinds mijn Conservatorium tijd in Rotterdam ben ik op zoek geweest naar een nieuw instrument dat mij als fluitist inspireert en verder uitdaagt. Na een lange zoektocht en het besef dat ander materiaal dan zilver of goud ook kan, ben ik uitgekomen bij een houten fluit van Alfred Verhoef.  De fluit is in 2012 gemaakt van Rio Palissander,  Braziliaans hardhout. De fluit geeft veel warmte en diepte aan de klank en zorgt voor een egale klankkleur over het gehele register van de fluit, iets dat ik bij metalen fluiten veel minder ervaar. Alfred Verhoef is ooit begonnen met  het maken van houten kopstukken in samenwerking met Jacques Zoon, een geweldig fluitist bij wie ik ondanks mijn grote bewondering nooit heb gestudeerd. Hij stopte als docent in Rotterdam het jaar dat ik mijn studie begon.

Het voordeel van het instrument is de geweldige mengklank, iets dat overigens in grotere bezettingen ook een nadeel kan zijn. Maar voor het verwezenlijken van mijn grote liefde Kamermuziek is dit het perfecte instrument. Kamermuziek vraagt, daagt uit en nodigt uit om je vol te geven.¬†¬†Je eigen grenzen verleggen, maar ook die van elkaar ontdekken.¬†¬†Het mooiste is als alles op onze concerten op zijn plek valt, en vrijwel altijd valt het anders dan verwacht, gelukkig. Het repeteren maar ook de concerten zijn een proces; de concerten lijken een einddoel, maar niets is minder waar, hoewel ik na het laatste concert van een serie soms wel een grote leegte kan voelen. Gelukkig lonken dan de nieuwe projecten in de nabije toekomst al: Kortom, ik speel¬†¬†vol trots al sinds de oprichting bij ons prachtige ensemble De Bezetting Speelt.‚Ä̬†Meer over Imre

CAROLINE WAGNER Viool

“Ik speel op een speciaal voor mij in 1989 op maat gemaakte viool van de Hollandse vioolbouwer Tim de Vries. En een viool is niets zonder een goeie strijkstok. Ook deze vond ik op Nederlandse bodem en ben inmiddels de gelukkige eigenaar van diverse strijkstokken van stokkenbouwer Jan Strumphler.

Het huwelijk met mijn instrument en de liefde voor het spelen in een kamerorkest, bezorgden me mijn eerste baan als aanvoerder bij het Radio Kamerorkest in 1994. De viool groeit met mij mee en na 12 jaar trouwe dienst besloot ik mijn instrument volledig in te zetten voor de kamermuziek. Dit doe ik nu al meer dan 12 jaar met veel plezier in De Bezetting Speelt. Vooral het samen musiceren, zonder inmenging van een dirigent is een feest voor mijn ziel en wakkert mijn creativiteit aan.

Mijn passie voor producten uit eigen land én mij voorliefde voor Noorwegen kwamen een paar jaar geleden samen in de eveneens door Tim gebouwde Hardanger Vedel. Een zeer arbeidsintensief project dat heeft geresulteerd i een prachtig en rijk versiert instrument, waarmee we met DBS al diverse keren het Kwintet voor Hardanger vedel en strijkkwartet speelden. Meer over Caroline

JENNEKE DE JONGE Hoorn

‚ÄúDe Franse hoorn. Als klein kind wilde ik absoluut geen hoorn spelen in de fanfare. Wat een tuttig ¬†goud blingbling instrument met saaie partijen was dat. Gaf mij maar die trompet. Het is allemaal wat anders gelopen en nu speel ik dan toch op een Franse hoorn, al is het wel een ongelakte Alexander 103 die daardoor iets stoerder lijkt. Het is ook eigenlijk best een episch instrument. Opgeleid tot professioneel hoornist ben ik door Fokke van Heel en Ren√© Pagen. Ik remplaceer veel in professionele orkesten en ensembles in Nederland en Belgi√ę en volg tegenwoordig nog lessen bij Hans van der Zanden. Ik houd van het maken van kamermuziek en ben daarom ook erg blij met mijn plekje bij De Bezetting Speelt.”

 

ANNE MEIKE BURGEL Cello

‚ÄúIn 2002 gaf ik vioolbouwer Dani√ęl Roy√© de opdracht om een cello voor mij te bouwen. Ik was toen student aan het Conservatorium van Amsterdam en erg toe aan een beter instrument. Zo‚Äôn opdracht geven is natuurlijk best spannend, want ook al wist ik dat hij mooie instrumenten maakt, je kunt nooit voorspellen hoe de cello precies zal gaan klinken. Het is een cello geworden die iets kleiner is dan gemiddeld, omdat ik niet zo groot ben en vrij kleine handen heb. Begin 2003 kreeg ik de cello voor het eerst in mijn bezit en inmiddels is dat alweer 15 jaar geleden! In het begin moet een nieuwbouwinstrument helemaal worden ingespeeld en is de klank nog niet helemaal open. Na een paar maanden werd duidelijk dat de cello erg goed gelukt was en ik ben er tot op de dag van vandaag erg blij mee. Ik heb veel meegemaakt samen met mijn instrument: ik heb mijn Bachelor en Master examens erop gespeeld, het is de hele wereld over gereisd voor allerlei tournees met orkesten en sinds 2017 speel ik erop bij De Bezetting Speelt. Daar blijkt dat het geluid van de cello mooi mengt met de andere strijkinstrumenten. Ik zie mijn cello inmiddels niet meer alleen als gereedschap maar ook als verlengstuk van mezelf.”

ANNET KARSTEN Fagot

‚ÄúMijn oog of was het vooral mijn oor, viel op de fagot toen ik op mijn elfde een concert bezocht van een blazers octet. Ik speelde toen al 3 jaar klarinet, maar na dat concert vroeg ik of ik fagot mocht spelen. Wat trok mij aan? Ik denk de mooie klank en ook de speciale rol die het had. Stuwende baslijntjes en daarnaast af en toe ook mooie melodi√ęn.

Mijn handen waren toen net groot genoeg om ook daadwerkelijk fagot te kunnen spelen. Het leuke was ook dat ik bijna gelijk al wel op de muziekschool werd ingezet in kamermuziek projectjes. Ik had in die jaren ook piano lessen, een instrument met een repertoire dat me ook zeer beviel.

De reden dat ik de fagot als hoofdvak heb gekozen was omdat ik toen al wist dat ik graag met anderen samen speelde en daarin ook professioneel meer mogelijkheden zag.

Ook nu nog is samenspelen in orkest of ensemble, hetgene wat ik het allerliefst doe. Binnen het repertoire van DBS kan ik met de vele mogelijkheden van de fagot mijn ei kwijt.

Al heel lang bespeel ik een Heckel fagot daar kan ik van laag naar hoog mooi mee kleuren. Als ik dan ook nog het voor mij juiste ‚Äėes‚Äô en een goed meewerkend rietje daar bij heb, ben ik helemaal in mijn element!‚ÄĚ

MELANIE BROERS Viool

“Uit een familie vol met violisten was het niet erg bijzonder dat mijn voorkeur uitging naar de viool. Ik heb altijd het geluk gehad dat er een passend instrument beschikbaar was, en toen ik begon aan mijn Bachelor opleiding aan het conservatorium in Rotterdam vond ik mijn eigen viool,  ik was gelijk verliefd op de warme klank. Na vele jaren met plezier groeien als violiste kwam daar helaas het moment dat ik beperkingen tegen kwam op mijn instrument. Ik heb erg veel geluk gehad dat mijn moeder aanbood om te wisselen van instrument. Ik speel nu op haar viool (die ik stiekem altijd al heel mooi vond). Een Franse viool van Charles Gaillard uit 1860, gemaakt in Parijs. Super bijzonder om te bedenken dat het zo’n oude viool is. Wie zou er allemaal voor mij op gespeeld hebben, en hoe is hij uiteindelijk in Nederland terecht gekomen?

Naast een mooie viool is ook een stok onmisbaar. De perfecte match heb ik ¬†vorige jaar gevonden, een oude Franse stok uit 1850. Met veel plezier speel ik bij De Bezetting Speelt, daarnaast remplaceer ik in verschillende Nederlandse orkesten.‚ÄĚ

BAS VAN DER STERREN Klarinet

“Sinds 2004 speel ik op een instrument gebouwd in 2002 door de Duitse firma, Herbert Wurlitzer. Mijn voorkeur voor dit instrument heb ik ontwikkeld doordat mijn vader, ook klarinettist, op een zelfde instrument speelde. Met deze klank ben ik letterlijk opgegroeid.

Misschien wel het allerbelangrijkste voor een klarinettist zijn het mondstuk en¬†riet. Na jaren testen, adviezen opvolgen, maar bovenal veel¬†spelen, ben ik uitgekomen in Oostenrijk. De mondstukkenfabrikant Nick K√ľckmeier en rietenmaker Alexander Pilgerstorfer verzorgen¬†mijn materiaal.

 

 

L√ČON VAN DEN BERG Altviool

 

 

 

 

 

ALEXANDER VAN EERDEWIJK Hobo